*IN MEMORIAM: WOMAN

 

 

WOMAN – De vrouw als eeuwige levensbron

Het is al weer even geleden dat ik een stukje schreef, waar ik zelf wat emotioneel bij ben. Gisterenmiddag zat ik in een voor mij onbekend kerkje in Deventer bij het afscheid en de herdenkingsdienst van een lieve vrouw die ik maar een paar jaar heb gekend. Ik was daar echt een vreemde eend in de bijt. Wel herkende ik de door haar veel besproken twee zonen en kleinkindjes op de eerste bankjes tegenover de witte kist. Alleen de man met wie ze de laatste vier jaar nog een liefdevolle tijd heeft mogen doormaken, had ik een paar keer ontmoet. Hij herkende mij direct en knikte me vriendelijk toe.

Het was de lotgenotengroep voor kankerpatiënten, waarin zij en ik zo’n zes jaar geleden 3 maanden lang en 2 keer in de week lief en leed deelden. Een minimaatschappijtje waaraan slechts 1 man deelnam. Ik moest onmiddellijk terugdenken aan deze tijd, toen WOMAN van James Brown bij haar herdenkingsdienst werd gedraaid; De vrouw als eeuwige levensbron. De overige leden waren dus 7 dames in de ‘Herstel en Balans groep’. De stichting werd ook bestierd door een vrouw.

Je zou denken dat dit tot een zachtere en prettige omgang met de cliënten zou leiden. Niets was minder waar. De dame in kwestie had weinig meekijkers in de zin van directie of bestuur en ging haar eigen koers. Ook beloofde ze meer dan ze kon waarmaken. Komt dat bekend voor? Deze hulpgroep zou door iedere ziektekostenverzekeraar vergoed worden, was er direct aangegeven. En als daar onduidelijkheid over was, dan zou zij er wel even achter aan gaan. Nou nou, we hoorden de verzekeraars al bibberen.

Ook de vrouw van wie ik gisteren toch afscheid heb moeten nemen na de 5e keer een heftig ziekbed en na ontelbare behandelingen, kon een glimlach niet onderdrukken. Ik noem haar G. Het was een lieve, zachte, charmante verschijning met bruin, gekruld haar en de blauwe ogen van Elizabeth Taylor. Ze was erg ziek geweest en had als klap op de vuurpijl ook nog haar man verloren, wiens hart het begaf tijdens haar ziektebed.

Dus toen zij met de vraag kwam of mevrouw de directrice wilde bemiddelen, omdat een Sallands verzekeringsmaatschappijtje dit toch niet als een belangrijk onderdeel van het herstelproces zag, zou de Iron Lady  een telefoontje plegen. G. bleef vriendelijk glimlachen, deed overal aan mee, maar maakte zich toch wat zorgen. Twee weken later was er nog steeds geen vooruitgang in het conflict met de verzekeraar en werden 900 euries gewoon van G’s rekening afgeschreven, terwijl ze er door heel veel pech financieel al niet te best voor stond. De directrice bleef vage verhaaltjes ophangen en deed eigenlijk helemaal niets om de situatie te verbeteren. G. moest zelf maar een beroep doen op de zogenaamde ‘coulance regeling’.

Als gevolg van deze vaatdoekhouding was ik ‘superpissed’ en sprak tijdens een  groepsbijeenkomst de directrice hierop aan. Zij had ons immers verzekerd dat deze hele ‘poppenkast’ financieel gedekt was. Oei! Ze liep rood aan. Dit was niet de plek of het moment om zoiets aan te kaarten, vond zij. Kort daarna nam ze me als een kleuter apart. In duidelijke bewoordingen zei ze, dat ik me er niet mee moest bemoeien. Dit was een hele goede leerschool in zelfstandigheid voor G. Die moest ook maar eens leren voor zichzelf op te komen. Duidelijk is, dat zij de juiste managementworkshops had gevolgd. Maar haar weinig vrouwelijke gesprekstechniek liet flink te wensen over. Ik zal hier niet verder op in gaan, maar ik werd witheet. Hoezo hulp, hoezo Herstel en Balans? Maar dit terzijde.

In reactie op dit soort voorvallen werd G. toch strijdbaarder en zochten wij elkaar steeds meer op. G. bleef altijd haar charmante zelf en hield niet van ruzie. We konden ook wel gniffelen om de stommiteiten en grillen van de directrice. Het sporten en de begeleiding van fysiotherapeuten was ronduit nuttig en prettig. Maar soms was het programma zodanig opgesteld dat je je afvroeg waarom je daar was. Een workshop kleurenkennis in het kleden werd door een aantal van de groepsleden als heel waardevol gezien. Ook G. zag ik zichtbaar genieten en de ene na de andere zacht sjaal combineren met diverse zachte stoffen. Ik observeerde.

Er zijn nog twee reünies geweest na de afsluiting van de groep en daarna was dat afgelopen. Nog geen half jaar hierna, toonden zich al weer vage plekjes op scans van G.. Ze wist dat het terug zou komen. Ook na de afsluiting zijn we elkaar 1 a 2 keer in het jaar blijven zien. Dan zag ze er vaak schattig uit met rode schoentjes en een rood jasje en straalde haar ogen. We genoten dan van een terrasje en een lichte lunch. Ze wilde zoveel mogelijk uit het leven halen. Maar voor G. was het vorige week (6 jaar later) ook een keer genoeg met de ontmenselijking door zakjes en pijpjes die in en uit haar lichaam liepen. De morfinepomp hielp niet genoeg meer, de pijn en het lijden werden haar te veel en ook de artsen konden niets meer voor haar doen.

Ik sprak hem nog even kort na de herdenkingsdienst, de lieve en geduldige man die G. tot het einde heeft begeleid en bemind. ,,Fijn en bedankt dat je gekomen bent. Dat waardeert ze, ik weet het. Ja het is gewoon vreselijk kut! Ze was zo mooi Lis! Tot het einde toe. Een mooi mens op alle fronten. Ik moet verder, maar weet nog niet hoe…”

,,Het ga je goed.”

De moraal van dit verhaal? Iedereen kan met zo’n situatie te maken krijgen. Maar onder meer van deze super positieve vrouw met wie ik niet eens zo heel veel, maar wel intensief contact had, leerde ik dat je je beste leven moet  leiden. Dat gezondheid een enorm groot goed is. En dat zorg en aandacht voor elkaar veel betekent. Dat mensen geen ruzie moeten maken en niet jaloers op elkaar moeten zijn. En dat je ook voor jezelf moet zorgen. Daarom vond G. ook dat er mooi blijven uitzien, uitstraling en kracht geeft als je ziek bent. Rust zacht, lieve G. Als geen ander verdient jij het predicaat WOMAN.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.